Toerweekend 2011, dag 3

Door: Peter

Goed.Waar waren we gebleven. Oja. Onze ontbijt dame heeft ongeschonden ons hitsige hok verlaten.

Nadat ook de laatste 10 Wheeler geknipt en geschoren het land der levenden heeft verwelkomd, konden we ons op een prima ontbijt storten.

Sjuutje, eitje, bammetje, alles was voorhanden. Ton voelde zich wat schuldig over de pressie die we hadden uitgeoefend om toch vooral vroeg ons ontbijt geserveerd te krijgen. Derhalve gebood hij ons de restanten van het ontbijt in een servet te wikkelen en mee te nemen voor een later moment.Daarop brak het moment aan waarop we ons allen hadden verheugd: een dag lang toeren.

Die vreugde vervloog snel op het moment dat we België binnenreden. Nu is bekend dat de wegen in België niet bepaald bekend staan om de hoogwaardige staat van onderhoud, maar vrijwel meteen denderde onze karavaan over de kasseien en kinderkopjes. Als dit de voortekenen zijn voor de rest, nou dan kan ik alvast verklappen dat ik, maar ook de trike het niet zouden volbrengen.

Zoals al eerder vermeld was ook de stand der techniek van onze gouden metgezel enigzins gedateerd en waren de zitjes niet zijdezacht maar ik had nu echt het gevoel dat mijn kl*ten naar de kl*ten gingen. Ik had gekozen voor standje “stoer”, dus de benen als een echte biker ter weerszijden van het zadel, maar nog nooit ging het gezegde “wie mooi wil zijn… ” zo op als in dit geval. Tering.

Gelukkig werd na een flink aantal kilometers de weg beter en kon het genieten beginnen.

Al snel liepen we tegen het volgende probleem aan. Het zacht glooiende landschap. Ondanks dat de trike over een redelijke motor beschikte, bleek deze niet in staat het tempo van de motorfietsen bij te benen. Berg op: langzaam, berg af: rapper. Ton, onze voorganger daarentegen had precies het tegenovergestelde ritme: Met een klap de berg op, om vervolgens aan een geleidelijke afdaling te beginnen. Het effect laat zich raden.

Jawel goed gegokt: een kleine pauze waarin Rutger zijn best deed om Ton aan zijn verstand te peuteren dat de ingebakken handicap van onze trike nog eens extra werd uitvergroot door dat stupide kortzichtige rijgedrag van onze voorganger. Was hij van lotje getikt, of wist hij gewoon niet beter. Heerlijk. het gekibbel van een stel dat al jaren bij elkaar is. Persoonlijk denk ik dat het nachtelijk samenzijn van die twee niet de bevrediging heeft gebracht die ze zochten en dat ze dat even op elkaar wilden afreageren. Gelukkig hadden we Jan-Willem, die wederom de boel wist te bedaren.

Heel opmerkelijk: als je gewoon tegen elkaar praat kun je heel eenvoudig afspraken maken. Weer wat geleerd (en wie zegt dat kerels niet voor rede vatbaar zijn?).

Na deze korte stop konden wij onze weg vervolgen. De route voerde ons door het Parc Naturel des Hautes Fagnes, een uitgestrekt bos. Het was inmiddels wel tijd voor een korte stop en een kop koffie. Bij een zeer gezellig belgisch wegrestaurant. Op een schaal van 1 tot 10 toch zeker een 2. Net zo hoogstaand was de koffie overigens. En de koekjes. Terwijl Ton even de aardappels aan het afgieten was, werd namelijk de koffie geserveerd (en een cappucino voor Rutger). Een zeer opmerkelijk tafereel volgt. Rutger zet het kopje aan de mond en in plaats van de koffie te drinken, loopt hem alles langs de mondhoeken naar beneden. Aanvankelijk dachten we nog aan een acute hersenbeschadiging (zou niet raar zijn hoor, gelet op de kwaliteit van de wegen), maar de oorzaak (zo bleek even later, nadat Rutger weer in staat bleek adem te halen) lag in het feit dat de cappucino was voorzien van een dikke klodder (bijkans bevroren) room. De room gleed als een weke dot richting mond en blokkeerde de doorgang, zodat de koffie geen andere mogelijkheid had dan via mondhoek richting schoot te stromen. Vermakelijk: ja uitermate, althans voor ons. Niet voor Rutger, die zijn heil zocht bij het meegeleverde koekje.

De koekjes waren niet voorverpakt en dat had op zich al een duidelijk signaal moeten zijn. Het kon namelijk niet worden uitgesloten dat deze koekjes al enigzins aan (of over) de datum waren. Gelukkig was Ton, inmiddels weer terug, niet te beroerd dit probleem voor ons op te lossen: hij genoot zichtbaar van Rutgers room en de koekjes (ja ik weet dat je dit op verschillende manieren kunt uitleggen).

Ik dwaal af. We pakken de draad op bij het moment waarop de navigatie ons tempo niet kon bijbenen. Oftwel: keren maar. Op zich niets bijzonders, maar toch is dit voorval nog wel even het vermelden waard. Waarom? nou in de eerste plaats omdat het even duurde voordat de weg vrij was en we de draai konden maken. Dat bracht namelijk een tot dan toe onbekende kwaal van de trike aan het licht. De koppeling.

De koppeling weigert namelijk dienst. Bij het intrappen van het pedaal wordt er niet ontkoppeld, met als gevolg dat bij het inleggen van de versnelling de motor afslaat. Nou niet bepaald waar je op zit te wachten half op de doorgaande weg, op een helling, met heeeeeeel veel schakelmomenten in het vooruitzicht. Het leek dan ook einde oefening, maar na enig aandringen leek de koppeling zowaar weer te gaan werken.

Aangezien we op dat moment nog niet wisten of dit een voorbode was voor meer ellende besloot Rutger dat het beter was om het schakelen tot een minimum te beperken. Hulde voor zowel Rutger, als diegenen die achter ons reden. Het is namelijk niet makkelijk om stapvoets een helling op te kruipen…

Wat ook nog niet meevalt is een hellingproef onder deze condities. De navigatie had weer eens besloten dat het tijd was voor een pirouette. Niet van zijn stuk gebracht reed Ton een stuk vooruit om te controleren of de te volgen weg de juiste was. Opgelucht kwam hij terug. We zitten goed. Nu de trike nog in beweging krijgen (Jawel, maar niet voordat Rutger nog eens aan Ton het principe van zwaartekracht, het gebrek aan motorvermogen en de extra complicatie van een klote koppeling en het causaal verband daartussen had uitgelegd). Affijn. veel gas doet wonderen (en een wheelie).

De eerste 50 meter (de 50 meter die Ton had gecontroleerd) verliepen prima. Na 51 meter begon een grindpad. Wat waren we blij met onze drie wielen. Eindelijk in het voordeel..

Aangespoord door dit succes gaf Rutger de trike de sporen en de volgende 20 minuten (inmiddels weer op asfalt) heb ik zo nu en dan de billen samengeknepen. Vol overgave knalde Rutger de trike de bochten door (heuvelaf, dus dat wil wel). Ik vroeg me ernstig af wanneer de remmen het zouden begeven en we te pletter zouden vallen.

De volgende stop bracht ons bij het circuit van Spa Francorchamps, waar op dat moment ook daadwerkelijk wat te zien was. Porsches. in alle soorten en van alle leeftijden knalden over het circuit. Gaaf. Het kan dus wel met een luchtgekoelde boxer. We maakten van de gelegenheid gebruik om ons schaamteloos te laten fotograferen op onze trike en diegenen die daar behoefte aan hadden konden een klein rondje rijden (nee, niet op het circuit). De broodjes werden gedeeld en Ton genoot zichtbaar van zijn shake….

De tijd vloog en dat bracht ons bij de vraag hoe verder. Ondanks Rutgers kamikaze mentaliteit raakten we enigzins achter op schema. We besloten de groep te splitsen, waarbij Rutger en ik een stop in Trois Ponts zouden maken en Ton, Jan Willem en Ben de route zouden vervolgen tot ook zij in Trois Pont zouden arriveren. Achteraf bleek dit maar goed ook. Dat deel van de route was op z’n zachtst gezegd pittig: steile hellingen, bochten, off road condities waren al een uitdaging voor de sportfiets van Ben, onze trike zou definitief de geest hebben gegeven.

Op weg naar Trois ponts op zoek naar een leuke fotolocatie kwamen we op een parkeerterrein. Op zich niets bijzonders, ware het niet dat het terrein in gebruik was als oefenterrein. Een gezelschap dames, gehuld in burka had deze locatie uitgezocht om de kunst van het fietsen aan te leren. Bijzonder zullen we maar zeggen.

In Trois Pont werd de trike op een prominente plaats geparkeerd waarna we een terras met uitzicht kozen. Onder het genot van een pils begon het genieten. Het punt waar we zaten lag kennelijk op een druk bereden route, want vele motoren passeerden ons. Dat leverde uiteraard voldoende gespreksstof op. Enige tijd nadat we tot de conclusie waren gekomen dat ook de gehaktballen in Belgie van een bedenkelijke kwaliteit zijn, voegden Ton, Jan-Willem en Ben zich wederom bij ons voor het laatste deel van de reis.

Met uitzondering van een koppeling die steeds vaker begon op te spelen verliep dit deel zonder noemenswaardige incidenten. Dat is trouwens niet helemaal waar. Inmiddels had het knipperlicht links voor besloten een eigen, meer zelfstandig, leven te willen leiden en deed verwoede pogingen zich te scheiden van de trike. Met af en toe een ferme schop werd een definitief afscheid voorkomen.

Het eerste deel nog gezamenlijk, maar omdat de trike bestemming Venlo had, scheidden op enig moment onze wegen. Eenmaal op vertrouwde Nederlandse bodem en met nog 100 Km te gaan kon het gas er op en al spoedig bereikten we Venlo en onze voorlaatste stop. De trike werd ingeleverd en de borg gerestitueerd, de BMW van stal gehaald en op voor het laatste stukje.

Het verwisselen van een achterlichtje bleek zoals voorspeld te complex (hahahaha).

Wat een verademing was het om nu eens fatsoenlijk achterop te kunnen zitten. Ik ben persoonlijk niet zo van het duorijden, maar het was in ieder geval voor nu beter dan achterop de trike. Rutger gaf de sporen en in minder dan geen tijd waren we in Slenaken, alwaar de rest -hoe kan het ook anders- zat te wachten vanachter een pils.

Tijd voor het plannen van een wilde avond in Maastricht.Wordt vervolgd…..

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s