Toerweekend 2011, dag 2, deel 2

Door: Peter
Ik pak de draad weer op op het punt waar ik gebleven was. Maar niet voordat ik kort verslag heb gedaan van de omstandigheid waarin ik nu verkeer.De uitspraak “als God in Frankrijk” doet te kort. We bivakkeren op dit moment in Buurse, een gehucht op steenworp afstand van Haaksbergen. Nederland, maar toch buitenland. Het weer is prachtig, het bier is goed: wat kan een eenvoudig leven toch heerlijk zijn. Temeer wanneer je niet belemmert wordt door een gipspoot. Ja Ton: met links is even wennen, maar een minuut hou ik al vol.

Goed. Dit is niet waar dit verhaal om draait. We waren gebleven op het punt waarop Rutger en ik aan het meest angstige halfuur van ons leven begonnen. Gas los en gaan.
Stop! knipperlicht doet het niet. Een abrupt eind van een half begin. Gelukkig is de techniek van een trike niet zo ingewikkeld als dat van een BMW, dus het lampje was met behulp van een hamer en wat spijkers al snel vervangen. Dan nu toch echt op weg. Ton voorop en dwars door Venlo. Guttegut, het rijden op een trike is toch echt anders. nadat we een paar fietsers, auto’s en lantarenpalen rakelings hebben omzeild begon Rutger het gevoel te pakken te krijgen. Even nadenken: trike is anderhalve BMW breed, plus koffers plus marge.
Na Venlo vervolgde het vijftal haar weg over Neerlands en Dietse Weegen. Na enige tijd attendeerde mijn chauffeur mij op een klein fysiek ongemak. De blaas was tot de nok gevuld en het geschud op de trike begon zacht gezegd wat ongemakkelijk te worden. Nadat we onze voorganger tot stoppen gemaand hadden bereikten we overeenstemming over een korte stop.Een ieder had zin in een kop koffie, dus werd het tijd een terrasje te zoeken. Met deze simpele opdracht werd Ton op weg gestuurd. De eerste stop, een verlaten parkeerplaats, werd afgekeurd. Geen zicht op de motoren, en bovendien geen koffie. Weer op weg. Ton, kennelijk danig gekrenkt, wist met een bijzonder gevoel voor richting werkelijk ieder terras in de omgeving te mijden. Hoewel we door diverse dorpjes reden, en bij tijd en wijle de geur van wildbraad en bier onze neusvleugels in vervoering bracht, geen terras. Bijzonder. Ton reed stoicijns door, radio op 30 (dat je uberhaupt nog wat van de omgeving meekrijgt op die manier is mij een raadsel). na nog eens 50 Km te hebben gereden was de maat vol (en de blaas ook). Er wordt NU gestopt. De grote weg af, klein veldweggetje in en hop, alles op de bok. Rutger bedacht zich geen moment en vloog op Ton af. Er was geen tijd voor liefde: Als ik zeg dat ik moet pissen, dan bedoel ik ook dat ik moet pissen, lul. Ton diende van repliek en de situatie leek uit de hand te gaan lopen. Ik lag dubbel van het lachen, maar gelukkig sprong JW tussenbeide. Rutger herinnerde zich de reden van de stop en verschool zich achter een boom.

Op hetzelfde moment klonk het getuf van een landbouwvoertuig. Het apparaat kwam de hoek om gezeild, er natuurlijk niet vanuit gaande dat zich om die hoek een aantal motoren zou bevinden. De Ninja van Ben, die als eerste op het pad stond, kon ternauwernood worden ontweken. En jawel, al onze voertuigen moesten wat opschuiven (en dat valt nog niet mee op een akelig smal paadje). Na een kort beraad: eten of doorrijden, besloot Ton dat het tijd was om te gaan muiten.
Ton volgt namelijk een streng dieet om de gevolgen van een lui en losbandig leven te verminderen en er weer een paar jaartjes jonger en wat kilo’s lichter ut te zien. Hoewel niemand van ons ook maar iets te eten had, besloot Ton dat er niets op tegen was dat hij een eenvoudige doch voedzame maaltijd tot zich zou nemen. Gelukkig bestaat het dieet van Ton uit zakjes proteine shakes dus echt jaloers hoef je er niet op te worden.
Rutger besloot dat hij het beu was en in een vlaag van opstandigheid besloot hij dat hij Ton niet nodig had voor het bepalen van de route. Vol gas en met luid gejoel stoof hij er van door. Al na vijf minuten werd hij ingehaald door Ton, die voor het eerst gebaar maakte dat hij het weekend nog vaak zou herhalen.
Keren.
Rutgers uitstekende gevoel voor Drama overstijgt zijn gevoel voor richting met een factor 10.Na wederom vijf minuten waren we weer op het punt om JW en Ben op te pikken, die uiteraard even rustig hadden gewacht.
De rest van de reis verliep zonder incidenten (op een paar keer keren na) en moe, maar opgepept door het prachtige heuvellandschap, kwamen we aan bij het etablissement dat voor een paar dagen “thuis” zou zijn: Auberge de Smockelaer.
Het terras lonkte en de verleiding was te groot. Eerst een potje bier. de rest kon wachten. Wat knapt een mens daar van op zeg. Heerlijk.
Het vriendelijke personeel bracht ons de sleutel van ons onderkomen en na een korte inspectie konden we niet anders dan Ton complimenteren met zijn keus. Een lekkere zithoek, royale keuken met dito keukentafel. Vier ruime slaapkamers en meer dan voldoende sanitair. Het was bijkans zonde om zoveel van huis te zijn. Gelukkig beschikte de auberge ook over een restaurant zodat de innerlijke mens kon worden beloond met een prima maaltijd. Nu aan de basisbehoeften was voldaan werd het tijd om wat meer aardse zaken te regelen.
Mijn bagage en die van Rutger was bij gebrek aan ruimte op de trike met Aike meegegaan in de bus. Het was zaak dit te regelen, voordat niemand meer in staat zou zijn om een voet voor de andere te krijgen. De trike werd aangewezen als taxi en JW reed mee. De navigatie van Rutger bleek net zo accuraat als Rutgers gevoel voor richting, dus het duurde niet lang voordat we verkeerd reden.
Na enig zoeken (en dat in een gehucht met drie straten) vonden we de camping en al snel hadden we Aike gevonden. De kindjes lagen al op bed, maar waren desgevraagd graag bereid om nog even mee te lopen.
Op de vraag waar wij sliepen was het antwoord makkelijk te geven: daar bij die lichtjes iets verderop. Camping en de Smockelaer bleken zo’n honderd meter uit elkaar te liggen.
De terugreis verliep vlot (goddank geen politie onderweg) en enige tijd later vervoegde we ons weer bij de rest.
Het tijdstip van ontbijt werd bepaald op 7.30 en weer verschoven naar 8.00, aangezien de broodjes voor die tijd nog niet warm zouden zijn (wat een luxe).
Als laatsten werden we, met een biertje, uit het restaurant geveegd. Thuis met de pootje op tafel babbelden we nog wat na, terwijl de ontbijttafel werd gedekt. Geheel volgens de principes van limburgse gastvrijheid kregen we ook na sluitingstijd nog een gele rakker (wel op fles, maar wat geeft het).
Met het vooruitzicht op een lekker ontbijt en een lekkere toerdag kroop een ieder in bed (what happens in Vegas……..)
Na een korte nacht was het tijd om op te staan.Straus Kahn hadden we thuis gelaten, dus de dame die het brood bracht mocht het pand ongeschonden verlaten. Er lag een mooie dag in het verschiet.
Wordt vervolgd…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s